In de dood kun je niet wonen

Anders kij­ken naar weg­gaan en ach­ter­blij­ven

Over hoe men­sen in de hui­di­ge tijd rou­wen.

Flap­tekst

Anne van der Mei­den over dit boek: we kun­nen er niet om heen: in alles wat met ster­ven, begra­ven en rouw­ver­wer­king te maken heeft, zijn in betrek­ke­lijk korte tijd opval­len­de en veel­soor­ti­ge ver­an­de­rin­gen opge­tre­den. Men­sen pra­ten ope­ner over de dood, ze ver­wer­ken hun ver­driet in nieu­we ritu­e­len en staan zich­zelf toe na te den­ken over nieu­we inzich­ten om uit­zicht­loos lij­den te beëin­di­gen.

Aan de hand van wat ik in de prak­tijk mee­maak­te en erover las, wil ik pro­be­ren die ver­an­de­rin­gen in de bele­ving van dood en rouw een gezicht te geven en anders te kleu­ren. Daar­bij zoek ik naar nood­za­ke­lij­ke rela­ti­ve­ring van oude beel­den van de dood, omdat men­sen hier zwaar onder kun­nen lij­den. Ik doe dat in het besef dat elk leven tot een einde komt en dat de bele­ving van dood en rouw niet vol­le­dig te beheer­sen valt. Het is gewoon niet waar dat de dood dood­ge­woon is gewor­den. De dood went nooit, want je kunt er niet in wonen.

Auteur
Anne van der Meiden
Publicatiedatum
2012
Uitgever
Uitgeverij Meinema
ISBN
9789021141565
Aantal exemplaren
1
Thema
Rouw
Boek lenen?

Voorafgaand aan het Rouwcafé kun je boeken halen of terugbrengen. Ook kun je in overleg een afspraak maken om de boeken in te zien. Ben je niet in de gelegenheid om onze activiteiten te bezoeken, maar wil je wel een boek lenen? Bel ons op tel: 06-17159295 om een afspraak te maken om het boek op te halen.

  • Er moe­ten men­sen zijn

    van Toon Hermans

    Er moeten mensen zijn
    die zonnen aansteken,
    voordat de wereld verregent.

    Mensen die zomervliegers oplaten
    als het ijzig wintert,
    en die confetti strooien
    tussen de sneeuwvlokken.

    Die mensen moeten er zijn.

    Er moeten mensen zijn
    die aan de uitgang van het kerkhof
    ijsjes verkopen,
    en op de puinhopen
    mondharmonica spelen.

    Er moeten mensen zijn,
    die op hun stoelen gaan staan,
    om sterren op te hangen
    in de mist.
    Die lente maken
    van gevallen bladeren,
    en van gevallen schaduw,
    licht.

    Er moeten mensen zijn,
    die ons verwarmen
    en die in een wolkeloze hemel
    toch in de wolken zijn
    zo hoog
    ze springen touwtje
    langs de regenboog
    als iemand heeft gezegd:
    kom maar in mijn armen

    Bij dat soort mensen wil ik horen
    Die op het tuinfeest in de regen BLIJVEN dansen
    ook als de muzikanten al naar huis zijn gegaan

    Er moeten mensen zijn
    die op het grijze asfalt
    in grote witte letters
    LIEFDE verven
    Mensen die namen kerven
    in een boom
    vol rijpe vruchten
    omdat er zoveel anderen zijn
    die voor de vlinders vluchten
    en stenen gooien
    naar het eerste lenteblauw
    omdat ze bang zijn
    voor de bloemen
    en bang zijn voor:
    ik hou van jou

    Ja,
    er moeten mensen zijn
    met tranen
    als zilveren kralen
    die stralen in het donker
    en de morgen groeten
    als het daglicht binnenkomt
    op kousenvoeten

    Weet je,
    er moeten mensen zijn,
    die bellen blazen
    en weten van geen tijd
    die zich kinderlijk verbazen
    over iets wat barst
    van mooiigheid
    Ze roepen van de daken
    dat er liefde is
    en wonder
    als al die anderen schreeuwen:
    alles heeft geen zin
    dan blijven zij roepen:
    neen, de wereld gaat niet onder
    en zij zien in ieder einde
    weer een nieuw begin
    Zij zijn een beetje clown,
    eerst het hart
    en dan het verstand
    en ze schrijven met hun paraplu
    i love you in het zand
    omdat ze zo gigantisch
    in het leven opgaan
    en vallen
    en vallen
    en vallen
    en OPSTAAN

    Bij dát soort mensen wil ik horen
    die op het tuinfeest in de regen BLIJVEN dansen
    ook als de muzikanten al naar huis zijn gegaan
    de muziek gaat DOOR
    de muziek gaat DOOR
    en DOOR