Zoiets sim­pels

Het is vaak zoiets sim­pels, het is
gemis van je stem bij­voor­beeld,
geen ver­haal over land­schap­pen meer,
geen gedoe met je was, je kle­ren
 onaan­ge­roerd in de kast.
Het is van je han­den
op zoek naar hou­vast, de afdruk nog weten
op leu­ning en deur­post en je voet­stap­pen
op het par­ket en de trap,
dat zo wil­len laten, beden­ken: poet­sen en wrij­ven is
slinks de tijd ver­drij­ven, jouw tijd moet hier blij­ven.
Het is zo sim­pel en groot als hui­len
bij mei­ker­sen, appel­stroop in de schap­pen
en gei­ten­kaas op het brood.
Hes­ter Knib­be
Uit: Ik weet niet welke weg jij neemt.
Gedich­ten­bun­del samen­ge­steld door Arie Boom­s­ma
  • De laat­ste dagen van mijn broer­tje

    van Ted van Lieshout

    Aan de randjes ging hij langzaam dood

    Ik zag het door de lakens heen en wilde vragen

    of hij pijn had, maar ik durfde niet.

    Wat moest ik doen? Een leuk verhaal vertellen

    om hem op te beuren en zo verklappen

    wat hij had gemist? Hem troosten met het wereldleed?

    Ik streelde zijn wang en zweeg en wij keken

    een beetje langs elkaar heen, bang

    voor onze ogen die we niet begrijpen wilden.

    Hij kreeg haartjes op zijn kin. Zonder na te denken

    liet ik ze hem in een spiegel zien.

    Hij zocht zichzelf. Ik beefde haast van spijt.

    Hij wilde geen bezoek meer. Wij waren gekwetst.

    Hij hield alvast maar wat minder van ons.

    Dan viel het afscheid niet zo zwaar. Dat weet ik nu.

    De baard kwam niet meer af. Ik herken zijn stem nog

    soms, als ik lach. Dan luister ik geschrokken,

    maar alleen in de stilte is er iets voorgoed voorbij.